Luik is zeker een interessante plaats voor een kort bezoek of een langere citytrip. Tegenwoordig heeft de oude industriestad veel te bieden voor toeristen. Het was nog in de jaren tachtig dat Luik een troosteloze en grauwe stad was. De stad was dan ook failliet verklaard en er werd nog nauwelijks geïnvesteerd gebouwen en infrastructuur. Sinds het einde3 van de jaren negentig is hier verandering in gekomen en zijn veel oude gebouwen en bezienswaardigheden in ere hersteld. Tegenwoordig is het dan ook echt aan te raden om de stad, die tevens voor vele toeristen de poort naar de Ardennen is, te bezoeken. Een goede dag om Liege, zoals de stad in Wallonië wordt genoemd, is de zondag. Het is namelijk de dag dat er langs de oevers van de Maas de oudste en grootste wekelijkse markt van België, La Batte, ontspruit.
Lange geschiedenis
Het is al sinds de 16e eeuw dat marktkramers wekelijks bijeen komen op La batte. Hiermee heeft de markt een lange geschiedenis en is het ook één van de meest gewortelde tradities die er in Luik te vinden zijn. Waar het tot het recente verleden vooral de mensen van provinciehoofdstad zelf waren die zich op deze markt betraden, zijn het de laatste jaren ook veel toeristen die zich laten zien op deze markt.
Lokale producten
Vroeger was La Batte vooral een veemarkt, later kwamen daar andere levensmiddelen bij. Tegenwoordig kun je van alles kopen op de ruim twee kilometer lange markt. Een groot deel van de aanbieders op de markt handelt in lokale producten. Aangezien Luik de poort naar de Ardennen is, houdt dit ook in dat je hier veel streekproducten uit deze regio tegenkomt. Naast de lokale producten zijn er tegenwoordig ook handelaars in kleding, handtassen en nog veel meer. La Batte is een veelzijdige markt die iedere zondag van 8.00 uur tot 14.00 uur wordt gehouden. Wees er wel op tijd bij, want later op de dag wordt het er zeer druk. Soms bereikt La Batte op één dag een bezoekersaantal van 100.000.